Maartensdijks dorpen orthodox in de tijd van de republiek?
Aan het eind van de zestiende eeuw kwam ook in Maartensdijk het eind aan de officiële status van de rooms-katholieke kerk. Veel priesters in Nederland werden predikant, zo ook bij ons. Daarbij raakte een dergelijke oud-priester en nieuwbakken predikant al snel in opspraak: “Te Maartensdijk houdt zich (in 1593) paap Willem Laurensen op; van hem heet het, dat hij vroeger te Utrecht een bordeel zou hebben gehouden en zich nu hier nog ‘met danserijen ophoudt’.”
Een paar kilometer verderop, in Westbroek, leek het in 1593 al weinig beter gesteld met de ‘waarden en normen’ van de geestelijkheid. De bekende rooms-katholieke historicus Rogier meldt: “’Een groot dronkaard’ heet de paap Hendrik Hendriksen, die zich te Westbroek ophoudt.” (Toch lijkt deze Westbroekse predikant al redelijk ‘gereformeerd’, want in zijn nevenfunctie als schoolmeester gebruikte hij de kleine catechismus van Maarten Micron, getiteld: “Corte Ondersouckinge des ghelooves over den ghenen die haer tot de gemeynte begheven ende des Heeren avondtmael met haer willen houden.“) Uiteindelijk werd in deze dagen ook Westbroek ‘gereformeerd’, maar dat garandeerde in dat dorp evenmin een onbesproken levenswandel van de lokale kerkelijke leiders. Tijdens de republiek hield de regionale classis van de publieke kerk toezicht op predikanten en schoolmeesters. Als de kerkenraad er in probleemgevallen niet meer uitkwam, kon men zich tot deze regionale classis wenden. Misbruiken konden dan bestraft worden met schorsing, ontzetting uit het ambt en excommunicatie of ontzegging van de toegang tot het Heilig Avondmaal. ……………………..
Lees verder in tijdschrift nr 35, december 2008.